Op zaterdag 15 september 2012 nam ik wederom deel aan een fantastische battlefield tour van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum in Oosterbeek in het kader van de herdenking van de Slag om Arnhem in september 1944 met als onderwerp 'Sporen van de Slag om Arnhem'. Deze battlefield tour ging door Arnhem en Oosterbeek.

De tour begon om 09.30 uur vanaf de Talsmalaan naast het restaurant Kleyn Hartensteyn in Oosterbeek. De busrit werd afgewisseld met korte wandelingen. Zowel in de bus als op verschillende plaatsen in het terrein gaven gidsen uitleg over de gebeurtenissen in september 1944 en toonden ons de sporen van deze gevechten die na 68 jaar nog steeds te zien zijn. We gebruikten de lunch in restaurant Schoonoord in Oosterbeek, op de plaats van het voormalige hotel Schoonoord, één van de hospitalen tijdens de slag. Om 17.00 uur waren we weer in Oosterbeek terug.

De battlefield tour stond onder leiding van Wybo Boersma, oud-directeur van het Airborne Museum en gids van de International Guild of Battlefield Guides, met medewerking van gidsen van de Vereniging Vrienden van het Airborne Museum. We volgden daarna de opmarsroutes van de parachutistenbataljons naar de Rijnbrug en omgeving in Arnhem, het St. Elisabeths Gasthuis en de wijk Lombok. Vervolgens eindigden we bij de omsingeling van de Airborne troepen rondom het hoofdkwartier in hotel hartenstein en de gevechten rond de N.H. kerk in Oosterbeek-Laag. Ter afsluiting bezochten we de Airborne begraafplaats in Oosterbeek.

 
Op het terras van restaurant Schoonoord in Oosterbeek trof ik deze Britse parachutisten aan die 's morgens uit een Dakota gesprongen zijn.
Op het terras van restaurant Schoonoord in Oosterbeek trof ik deze Britse parachutisten aan die 's morgens uit een Dakota gesprongen zijn.
Op het terras van restaurant Schoonoord in Oosterbeek trof ik deze Britse parachutisten aan die 's morgens uit een Dakota gesprongen zijn.
 
We gebruikten de lunch in restaurant Schoonoord. Tijdens de slag om Arnhem - september 1944 - werd het gebouw door de 1e Engelse Airborne divisie als noodhospitaal ingericht. Meer dan 500 gewonden werden hier binnengebracht en zo goed als mogelijk verzorgd. Op de kamers die eerder als gastvrij vakantieverblijf dienden,werd nu gevochten voor levens. Door de felle strijd die hier woedde, raakte het gebouw zwaar beschadigd. Toch werd het niet afgebroken. Na 1945 werd er gebouwd en hersteld. De oude glorie kreeg Schoonoord daarmee niet terug, maar haar indrukwekkend verleden blijft tot de dag van vandaag overeind.
 
We gebruikten de lunch in restaurant Schoonoord. Tijdens de slag om Arnhem - september 1944 - werd het gebouw door de 1e Engelse Airborne divisie als noodhospitaal ingericht. Meer dan 500 gewonden werden hier binnengebracht en zo goed als mogelijk verzorgd. Op de kamers die eerder als gastvrij vakantieverblijf dienden,werd nu gevochten voor levens. Door de felle strijd die hier woedde, raakte het gebouw zwaar beschadigd. Toch werd het niet afgebroken. Na 1945 werd er gebouwd en hersteld. De oude glorie kreeg Schoonoord daarmee niet terug, maar haar indrukwekkend verleden blijft tot de dag van vandaag overeind.
 
Bij de ingang van restaurant Schoonoord zag ik deze fotocollage

Bij de ingang van restaurant Schoonoord zag ik deze fotocollage

 

Onze gids Wybo Boersma, voormalig directeur van het Airborne Museum en lid van de Guild of Battlefield Guides.
Onze gids Wybo Boersma, voormalig directeur van het Airborne Museum en lid van de Guild of Battlefield Guides.
Onze gids Wybo Boersma, voormalig directeur van het Airborne Museum en lid van de Guild of Battlefield Guides.
 
De Slag om Arnhem was deel van een veel grotere operatie die de codenaam 'Market Garden' had. Tijdens deze operatie moesten drie Airborne divisies vanaf de Belgische grens bij Lommel tot Arnhem de bruggen over de diverse waterwegen veroveren, waarna het 30e Corps naar Midden-Nederland kon oprukken. Bij Arnhem mislukte de verovering van de brug over de Rijn. Tijdens deze tour door Arnhem en Oosterbeek bezochten we de landings- en droppingsterreinen van de 1e Britse Airborne divisie.
 
Dropping zone X bij Wolfheze, ten zuiden van de spoorlijn Arnhem-Ede. Hier landde de 1e Parachutistenbrigade bestaande uit het 1e, 2e en 3e Parachutistenbataljon.

Dropping zone X bij Wolfheze, ten zuiden van de spoorlijn Arnhem-Ede. Hier landde de 1e Parachutistenbrigade bestaande uit het 1e, 2e en 3e Parachutistenbataljon.

 
De Ginkelse Heide, ten oosten van Ede. Dit was dropping zone Y, waar op 18 september 1944 de 4e Parachutistenbrigade en eenheden landden die op zondag niet geland waren. De 4e Parachutistenbrigade bestond uit het 10e, 11e en 156e Parachutistenbataljon.

De Ginkelse Heide toen wij er stonden op 15 september 2012 en onderstaand opnamen van gelande zweefvliegtuigen en Duitse verdediging op 18 september 1944.

Gelande parachutisten leggen hun uitrusting op een wagentje die gecharterd is door burgers.
Onderweg maken de Britten al de eerste Duitse krijgsgevangenen, waaronder Irene Reimann. Zij is Luftwaffe Nachrichtenhelferin en zal de enige vrouwelijke krijgsgevangene in Arnhem zijn.

 

UItleg bij de duiker van Wolfheze. De duiker was een smal stenen tunneltje dat onder de spoorlijn van Arnhem naar Wolfheze doorliep. Hier liepen mannen van de 1st Airborne in een hinderlaag van de SS.

 

Onderlangs in Arnhem

 

We lopen de wijk Lombok in, gelegen achter het St. Elisabeths Gasthuis (rechts op de foto)

 

In de wijk Lombok vertelt Wybo Boersma ons wat zich hier heeft afgespeeld. Tijdens de Slag om Arnhem raakte generaal-majoor Robert Urquhart afgesneden van zijn eigen troepenmacht. Hij moest noodgedwongen onderduiken op de vliering van Zwarteweg 14 in afwachting van wat komen ging. Deze gebeurtenis had grote invloed op het verdere verloop van de strijd. De Britten zouden vanaf de landingsvelden langs drie routes naar de Rijnbrug optrekken. Een kolonne jeeps van het Reconnaissance Squadron moest er als eerste aankomen. Deze eenheid strandde al snel. Urquhart wilde Lathbury van de 1st Parachute Brigade daarom laten weten dat het 2nd Parachute Battalion onder leiding van John Frost haast moest maken om de brug te bereiken. Frost zou de zuidelijke route nemen, via het benedendorp van Oosterbeek en Onderlangs. Achter Frost volgde het hoofdkwartier van Lathbury. Toen Urquhart daar arriveerde, was de brigadecommandant zelf echter weggereden naar het 3rd Parachute Battalion van Fitch. Dit volgde de middelste route naar de Rijnbrug, via de Utrechtseweg. Al dit heen en weer gerij werd veroorzaakt doordat de verbindingen slecht werkten. Lathbury en Urquhart troffen elkaar bij Fitch. Doordat achter in de kolonne gevechten uitbraken met de Duitsers, en de weg terug naar achteren voor Urquhart werd afgesneden, werd besloten dat de generaals bij het 3rd Parachute Battalion zouden blijven, en de opmars naar Arnhem met hen zouden volgen. De dag erop – maandag 18 september – stelde Lathbury echter alsnog voor aan Urquhart terug te keren naar zijn divisiehoofdkwartier. Ze renden weg, maar in de verkeerde richting. Ze liepen de Duitsers in Lombok tegemoet. Lathbury raakte gewond, en verstopte zich in een woning, terwijl Urquhart zich in een ander huis verborg. De dag erop werd de divisiecommandant ontzet door andere Britse eenheden, en keerde terug naar zijn hoofdkwartier.

In de wijk Lombok vertelt Wybo Boersma ons wat zich hier heeft afgespeeld. Tijdens de Slag om Arnhem raakte generaal-majoor Robert Urquhart afgesneden van zijn eigen troepenmacht. Hij moest noodgedwongen onderduiken op de vliering van Zwarteweg 14 in afwachting van wat komen ging. Deze gebeurtenis had grote invloed op het verdere verloop van de strijd. De Britten zouden vanaf de landingsvelden langs drie routes naar de Rijnbrug optrekken. Een kolonne jeeps van het Reconnaissance Squadron moest er als eerste aankomen. Deze eenheid strandde al snel. Urquhart wilde Lathbury van de 1st Parachute Brigade daarom laten weten dat het 2nd Parachute Battalion onder leiding van John Frost haast moest maken om de brug te bereiken. Frost zou de zuidelijke route nemen, via het benedendorp van Oosterbeek en Onderlangs. Achter Frost volgde het hoofdkwartier van Lathbury. Toen Urquhart daar arriveerde, was de brigadecommandant zelf echter weggereden naar het 3rd Parachute Battalion van Fitch. Dit volgde de middelste route naar de Rijnbrug, via de Utrechtseweg. Al dit heen en weer gerij werd veroorzaakt doordat de verbindingen slecht werkten. Lathbury en Urquhart troffen elkaar bij Fitch. Doordat achter in de kolonne gevechten uitbraken met de Duitsers, en de weg terug naar achteren voor Urquhart werd afgesneden, werd besloten dat de generaals bij het 3rd Parachute Battalion zouden blijven, en de opmars naar Arnhem met hen zouden volgen. De dag erop – maandag 18 september – stelde Lathbury echter alsnog voor aan Urquhart terug te keren naar zijn divisiehoofdkwartier. Ze renden weg, maar in de verkeerde richting. Ze liepen de Duitsers in Lombok tegemoet. Lathbury raakte gewond, en verstopte zich in een woning, terwijl Urquhart zich in een ander huis verborg. De dag erop werd de divisiecommandant ontzet door andere Britse eenheden, en keerde terug naar zijn hoofdkwartier.

 

Generaal Urquhart in het huis waar hij zich verborgen hield

Generaal Urquhart in het huis waar hij zich verborgen hield.

 

Urquhart house aan de Zwarteweg in Arnhem, gelegen in de wijk Lombok.

 

Voorzijde van Urquhart house. Staat thans klaarblijkelijk leeg (goed idee voor een museumpje?)

 

Door deze brandgang rende generaal Urquhart naar het huis waarin hij zich schuil hield.

 

De achterkant van het Urquhart house.

De achterkant van het Urquhart house.

 

Luitenant Cleminson 60 jaar later op de zolder Zwarteweg 14 in Arnhem, waar hij zichzelf verborg samen met generaal Urquhart.

Luitenant Cleminson 60 jaar later op de zolder Zwarteweg 14 in Arnhem, waar hij zichzelf verborg samen met generaal Urquhart.

Luitenant Cleminson 60 jaar later op de zolder Zwarteweg 14 in Arnhem, waar hij zichzelf verborg samen met generaal Urquhart.

 

We luisteren naar het merkwaardige verhaal van een generaal die zich op een zolder verborg voor de vijand.
 

 

 
De tocht voerde ons naar de brug waar het allemaal om draaide. De John Frostbrug over de Rijn in Arnhem. Deze brug bleek dus een 'brug te ver'. We bezochten het Jacob Groenewoudplantsoen aan de voet van de brug.
 
Onder: spoedig konden de Duitsers alweer gebruik maken van de Rijnbrug van Arnhem toen de Britten er eenmaal verdreven waren.
 
 

Thans biedt het St. Elisabeths Gasthuis een vreedzame aanblik. Heel anders was dat na de strijd in september 1944, zie foto onder.

 

We bezochten de Nederlands Hervormde kerk in Oosterbeek-Laag. Deze kerk vormde uiteindelijk de laatste verdedigingsstelling van de Britten en was de zuidelijke rand van de perimeter. Rond deze kerk verzamelde majoor Lonsdale de laatste resten van de diverse Britse bataljons en hield in de kerk zijn 'peptalk'. Vandaar werden de militairen in de nacht van 25 op 26 september 1944 in de duisternis geëvacueerd naar het inmiddels bevrijde zuiden van Nederland. Ze moesten hiertoe in boten de Rijn oversteken. Dit was operatie Berlin.
 

De N.H. kerk in Oosterbeek-Laag zoals het er voor de oorlog uit zag.

Deze deur met 'peptalk' werd gebruikt door majoor Lonsdale tijdens opnamen van de film 'Theirs is de Glory', kort na de oorlog. De deur stond in de N.H. kerk en is later overgebracht naar het Airborne Museum in Oosterbeek.

Het interieur van de N.H. kerk na de strijd.

Het interieur van de N.H. kerk na de strijd.

De verwoeste N.H. kerk in Oosterbeek-Laag na de oorlog.

De verwoeste N.H. kerk in Oosterbeek-Laag na de oorlog

 
Aan het slot van de battlefield tour 'Sporen van de Slag om Arnhem' brachten we een bezoek aan de Airborne Begraafplaats te Oosterbeek.